Azay sur Thouet, N.D. de l’Agenouillee

   
   

   

Photo et info: B.-J. van Gaart

   

Het orgel van de N.D. de l’Agenouillee is afkomstig uit Nederland. Het stond daar in de parochiekerk van de Allerheiligste Drieëenheid in Bloemendaal, een plaats ten westen van Amsterdam, dicht bij de kust. Deze parochie kreeg in 1954 de beschikking over een groot nieuw kerkgebouw. De Nederlandse orgelbouwer Vermeulen bracht een offerte uit om voor het bedrag van toen 7.260,00 euro een nieuw orgel te bouwen met gebruikmaking van een aantal onderdelen uit 1949 van het orgel uit de oude kerk. Op 1 februari 1954 werd het contract getekend. Het nieuwe orgel werd gebouwd volgens het in die tijd gebruikelijke electro-pneumatische systeem wat wil zeggen dat de verbinding tussen speeltafel en ventiel door middel van electriciteit en luchtdruk geschiedt.

Door afname van het kerkbezoek was de nieuwe kerk al in 1989, vijfendertig jaar na de bouw, veel te groot. Bovendien waren er een aantal ernstige bouwkundige problemen. De parochie besloot dan ook de kerk af te breken en een nieuwe kleinere kerk te bouwen. Aan de
orgelbouwer werd een offerte gevraagd om het orgel naar de nieuwe kerk te verplaatsen. Orgelbouwer Vermeulen bood aan dit voor een bedrag van bijna 30.000,00 euro uit te voeren. Vanwege de hoge kosten en omdat het orgel veel te groot voor de nieuwe kerk zou zijn, besloot het parochiebestuur van overplaatsing af te zien en bood men het orgel te koop aan.

In 1990, vlak voordat de kerk gesloopt zou worden, kocht orgelliefhebber Bart-Jan van Gaart het orgel aan om het in afwachting van een goede bestemming op te slaan op de zolder van een kerk niet ver van Bloemendaal. De demontage en verhuizing werd uitgevoerd met behulp van
vrienden en bekenden. Om de re-montage later te vergemakkelijken werd het orgel en de demontage tot in detail gefotografeerd.

In 1999 werd Bart-Jan van Gaart, die in Azay sur Thouet een vakantiehuis bezit, door een buurman in contact gebracht met de pastoor van Azay sur Thouet, Père Christophe Chagnon. Al gauw ontstond het idee om het Bloemendaalse orgel te plaatsten in de in de Gatine zeer populaire kapel van N.D. de l’Agenouillee. Uit nadere opmetingen bleek dat het orgel te groot was om op de Tribune te plaatsen. Ook het Noordelijk Transept was te klein. Wel bleek het orgel, bijna tot op de millimeter, in het Zuidelijk Transept te passen.
In februari 2000 arriveerde een grote vrachtwagen in Nederland en werden alle onderdelen van het orgel, waaronder de bijna 1000 pijpen, opgeladen om nog diezelfde avond richting de Gatine te vertrekken. Daar had Père Chagnon een legertje mannen geregeld om de vrachtwagen te lossen en de orgelonderdelen in eerste instantie op te slaan in zijn garage.
Groot was zijn ontsteltenis toen hij ’s morgens de enorme oplegger voor zijn deur zag staan. Van opslag in zijn garage kon absoluut geen sprake zijn. Daarvoor was de omvang van de diverse onderdelen van het instrument veel te groot! Gelukkig werd na enig speurwerk één van de parochianen, Pierre Bouchet, bereid gevonden om het orgel onderdak te geven in zijn hangar.
In de lente van 2000 begon de montage van het orgel die acht weken zou duren. Bart-Jan van Gaart werd hierbij geassisteerd door vele
vrijwilligers waarvan Pierre Bouchet met name genoemd mag worden. De eerdere metingen bleken niet voor niets te zijn geweest. Het orgel paste wonderbaarlijk precies en leek wel speciaal voor de kapel gemaakt te zijn.
Op zaterdag 12 augustus 2000 werd het orgel met een liturgische plechtigheid ingewijd. Daarna genoten de ruim 400 aanwezigen van een
feestelijk concert door de Nederlandse organist Thom Jansen waaraan ook dirigent Paul Valk en een aantal koorleden van de Amsterdamse Dominicuskerk hun medewerking verleenden.
In augustus 2001 concerteerde Paul Valk op het instrument daarmee de zomerconcerten tot een traditie makend. In de zomer van 2002 kwam Thom Jansen terug naar de Gatine en in 2003 is het wederom de beurt aan Paul Valk. Alhoewel gesteld mag worden dat er rond het orgel sprake
is van een hechte Frans/Nederlandse vriendschap, ligt het in de bedoeling om in de toekomst ook Franse organisten uit te nodigen om in de kapel
te komen concerteren. Ook zijn er voorzichtige plannen om het orgel uit te breiden met twee registers die het orgel nog meer geschikt maken voor de frans-romantische muziek.

   
La composition des Grandes Orgues Vermeulen:  
Hoofdwerk:
Prestant 8’ (Montre 8’)
Holpijp 8’ (Bourdon 8’)
Octaaf 4’ (Prestant 4’)
Nasard 2 2/3’ (Nasard 2 2/3’)
Mixtuur 3-4 (Fourniture 3-4)
 
Nevenwerk:
Roerfluit 8’ (Flûte á Cheminee 8’)
Salicionaal 8’ (Salicional 8’)
Prestant 4’ (Montre 4’)
Gemshoorn 4’ (Cor de Chamois 4)
Flageolet 2’ (Flagéolet 2’)
Superkwint 1 1/3 (Superquinte 1 1/3’)
Schalmei 8’ (Chalumeau 8’)
Pedaal:
Subbas 16’ (Soubasse 16’)
Octaafbas 8’ (Montrebasse 8’)
Gedekt 8’ (Bourdon 8’)
Octaaf 4’ (Prestant 4’)
Fluit 4’ (Flûte 4’)
Corno 2’ (Flûte 2’)
 
Tirasses
I+II, I+II 16, I+II 4
P+I, P+II
   

Composition d’Orgue
(situation après modification)

Manual I
                                    Manual II
Prestant 8’                                  Viola 8’
Salicionaal 8’                              Vox Caeleste 8’
Holpijp 8’                                   Bourdon 8’
Roerfluit 8’                                  Prestant 4’
Octaaf 4’                                    Gemshoorn 4’
Nasard 2 2/3’                              Flageolet 2’
Mixtuur 3-4                                 Superkwint 1 1/3’
                                                   Sexquialter 2st
                                                   Schalmei 8’

Pedal                                          Tirasses
Subbas 16’                                 I+II
Octaafbas 8’                               P+I
Gedekt 8’                                   P+II
Octaaf 4’                                    I+II 16’
Fluit 4’                                        I+II 4’
Corno 2’

 
   
   

Home
Zurück