Krommenie, huisorgel Arie de Wit

   
   

1977. H.H. Groenewegen. (Opus 25)
Dispositie:
Manuaal I. C-g3. Holpijp 8' (metaal); Prestant 4' (C-g in front);
Octaaf 2'.
Manuaal II. C-g3. Gedekt 8' (eiken); Roerfluit 4' ; Nasard 3' disc.;
Terts 1 3/5' disc.; Kromhoorn 8'.
Pedaal. C-f1. Gedekt bas 16' (groot octaaf resultant)
Koppels: I + II, P + I (trede), P + II (trede)
Stemming: gelijkzwevend.
Winddruk: 65 mm.
Pijpwerk: Stinkens, Zeist.

De kas is van massief eiken evenals de Gedekt bas 16'. Het groot octaaf van de Holpijp en Gedekt zijn gecombineerd en van grenen.
H.H. Groenewegen was tot zijn pensionering werkzaam bij de firma Verschueren te Heythuysen. Na zijn pensioen heeft hij 26 huisorgels gebouwd, waarvan dit instrument een van de grootste is.

(Bron: Arie de Wit, 2000; foto: Arie de Wit, 2004).
   
   

Home
Terug naar huisorgels
Terug naar vorige pagina / to last page / Zurück